28 juli 2024

Frankrijk, noordwest Frankrijk, de herinneringen van eerdere tochten komen weer boven. Een gebied waar je geen supermarkt, kruidenier, bakker of café, camping, hotel tegenkomt op de route. Kleine stille dorpen met enkel een kerk. Soms met een verdwaald verkeerslicht om op zondag de kerkgangers veilig over te laten steken. Die overigens in geen velden of wegen zijn te bekennen.

Bij het eerste beste café grijpen we onze kans om koffie te drinken, dat is ook meteen de laatste kans die we vandaag krijgen. Het plaatselijke café waar we zitten is tevens het plaatselijke gokpaleis. In een donker hoekje is het loket waar je alle mogelijke gok- en kansformulieren kunt kopen. Ondertussen kun je op twee schermen een bingo en een paardenrace volgen. Wij beperken ons tot koffie en een wc bezoek. Dan besluit Lilian toch een gokje te wagen: de linkerdeur is voor mannen, de rechterdeur is verboden voor mannen enkel voor niet-mannen en gehandicapten. Lilian gokt op niet-man en loopt de rechterdeur in. Daar staat een glanzende wc-pot te pronken in een ruimte waar schimmel uit de voegen zich verspreidt over de wandtegels, een meer dan dikke laag stof op alle leidingen ligt en het geheel is afgewerkt met spinrag in hoeken en aan plafond. Na een korte blik achter de linkerdeur constateert Lilian een wereld van verschil. Het is wel duidelijk dat het café weinig of geen niet-mannen of gehandicapten over de vloer krijgt. Na het bezoek van Lilian is het waarschijnlijk tijd voor een schoonmaakbeurt.

We fietsen al twee dagen in de regen. Genietend van een avondzonnetje worden we overvallen door een flinke regenbui. Jammer dat de regenjassen en schoenen nog buiten lagen, die hebben het niet droog gehouden. Het blijft de rest van de avond en nacht regenen. De volgende ochtend blijven de buien vallen, we pakken alle spullen en onszelf nat in en gaan op pad.

We golven over de wegen door regenbuien die worden afgewisseld met miezerbuien. Tijdens het miezeren zou je bijna denken dat het droog is maar niets is minder waar. Op het laatst gaan de regenjassen uit. Die zijn en blijven van binnen en buiten toch kletsnat en we fietsen in een warme regendouche verder. Onze regensloffen houden we aan, daar worden door de spaarzame voorbijgangers jaloerse blikken op geworpen. Het ziet er niet naar uit dat er voor vanavond verandering komt in het weer. We verleggen onze route twintig kilometer om in St. Avold een hotel op te zoeken. Als er ’s avonds het dubbele van overdag naar beneden valt zijn we blij met onze keus.

Na de eindeloze regenbui laat de zon zich zien. En na de eindeloos golvende wegen fietsen we eindelijk over vlakke paden langs kanalen. Lekker doortrappen, stoppen heeft weinig zin want op zondag zit alles hier potdicht. Na tachtig kilometer rechttoe rechtaan fietspad langs kanalen is ook dat wel weer mooi geweest. We strijken neer op een camping in Kehl, net voorbij Straatsburg aan de Duitse kant van de Rijn. Een grote camping waar je verschillende procedures moet doorlopen om een plekje te krijgen. Wij zijn zo brutaal geweest om de tent vast op te bouwen zodra we aankwamen. Er is immers plaats genoeg en wachten tot drie uur vonden we te lang duren. Gelukkig is dat achteraf geen probleem als we maar onthouden dat dit beslist niet de bedoeling is.