Na Poitiers verandert het landschap, minder heuvelachtig en meer bebouwing. Wat blijft zijn de rustige wegen waar we kunnen fietsen en in de steden zijn overal fietspaden. Onze benen vinden het prima om wat vlakker te fietsen. We volgen de Loire die we vaker niet dan wel zien en de kastelen die we tegen komen liggen goed verstopt achter muren.


Niet alleen volgens de kalender is 21 maart de lente begonnen maar ook in de natuur. Iedere dag zien we het groener worden en iedere dag wordt het weer een beetje warmer. De korte broek kan nu echt aan en in de loop van de ochtend gaat de jas en vervolgens de trui uit.


Nu de dagen maar ook de nachten warmer worden pakken we een keer flink uit. Na maanden komt de tent weer uit de tas als we in Nouan een camping vinden die het hele jaar is geopend.
Er is plaats genoeg op het terrein waar een handjevol campers en caravans staan. De tent zetten we zo neer dat we de volgende ochtend in de zon wakker kunnen worden.
We moeten weer even in het ritme van kamperen komen maar dan liggen we ook weer in een gespreid bedje. Ties mag zich opnieuw in allerlei bochten wringen om in de slaapzak te komen en ’s ochtend aankleden zonder in de knoop te raken vraagt iets meer van zijn lenigheid.
Als we ’s morgens onze hoofden naar buiten steken zien we de fietsen staan stoffen in de zon en staan wij met onze tent in de schaduw van de heg. Dat was niet de bedoeling.
Het is nog fris, de dag moet nog opwarmen maar wij ook. We hebben goed geslapen maar onze voeten hebben het wat koud gehad. Langzaam warmen we op en vertrekken daardoor later dan we gewend zijn.
Wij zijn er weer klaar voor om te kamperen alleen zijn de campings nog niet zo ver. Op een enkele camping na, die het hele jaar open is, zijn de meesten pas vanaf 1 april weer geopend. We moeten dus nog even geduld hebben.

Helmen op, veiligheidshesjes aan en in gedachten de woorden van Gerard en Doortje: “En …. kiek uut” stappen we op de fiets. Ergens halverwege Denemarken zijn we de helmen blijven dragen. Ergens in Finland, na onze eerste ervaring met fietsen op een soort snelweg, zijn de hesjes continue aan gebleven. Inmiddels horen de helmen en hesjes bij de dagelijkse routine voordat we opstappen.
Met de hesjes aan vallen we op tussen het verkeer op drukke wegen en op rustige wegen vallen we op voor die enkele automobilist die voorbij komt. De helmen op voor de veiligheid, zelf goed uitkijken en hopen dat anderen dat ook doen.

Kleine ergernis bij Ties als hij Lilian voor zich net iets te vaak of te lang om zich heen ziet kijken en te weinig op de weg. Kleine ergernis bij Lilian als ze Ties achter zich net iets te vaak: “Pas op!” hoort roepen.
Maar we willen uiteindelijk weer veilig en gezond thuis komen en tegelijkertijd hopen we iedereen weer veilig en gezond terug te zien.
Dus, lieve mensen, geniet van iedere dag, zorg voor elkaar en … kiek uut!
