28 januari 2022

Gevonden! Een straathoek van het appartement verwijderd vinden we voor Ties de barbier van Sevilla. Twee straathoeken verderop vinden we ook nog de bar waar we op de valreep genieten van een flamenco optreden. Bedankt voor de tip Hanneke!

Sevilla, een stad waar je uren kunt ronddwalen met veel mooie gebouwen, de vele kerken, de kathedraal, de keramiekwerkplaatsen, de rivier met de roeiers. In de stad is het nu nog een prettige drukte maar dat zal in de zomer waarschijnlijk anders zijn.

“Bon Caminio!”
Bon Caminio? Sevilla hebben we nog maar net achter ons gelaten wanneer we onderweg met regelmaat worden begroet met ‘Bon Caminio’. We komen er achter dat er vanaf Sevilla een pelgrimsroute loopt naar Santiago de Compostella. Nu gaat men er als vanzelfsprekend vanuit dat ook wij pelgrims zijn terwijl we gewoon ons eigen pad volgen. Ach wie weet, in verhouding tot de kilometers die we al hebben gefietst is het maar een stukje. Als we dan toch in de buurt zijn kunnen we Santiago de Compostella ook wel bezoeken, pelgrim of niet.

In Zafra lukt het een pelgrimspas te bemachtigen bij herberg Vincent van Gogh, een plaats waar pelgrims kunnen overnachten. Na een praatje en een fotosessie met de herbergier tevens ‘Presidente de Asociacion de Amigos del Caminio de Santiago’ gaan we verder als echte pelgrims. Nu de benodigde stempels nog verzamelen!

We genieten nog steeds van het heerlijke Spaanse winterweer, fris met een zonnetje. Op de fiets gaan ’s ochtends de mutsen op en handschoenen aan, rond twaalf uur warmt het op en om drie uur is het warm. In de dorpen zitten de Spanjaarden met jassen aan op de terrassen. ’s Avonds zitten de Spanjaarden met hun jassen aan in de bar. Wij vinden het bar fris op de plekken waar we overnachten en eten. Geen verwarming, mooie maar ijskoude tegelvloeren, een goede reden om vroeg onder de lekker warme dekens te kruipen.
Het lijkt wel of de Spanjaarden iedere dag ‘warme truiendag’ hebben!

Over kleine wegen en paden fietsend worden de bergen heuvels en komen we uiteindelijk in een vlak landschap. Met het landschap verandert ook de begroeiing, in de bergen zien we voornamelijk kurkeiken. In de heuvels wisselen olijfbomen, amandelbomen en druivenranken elkaar af.

De vale gieren blijven achter in de bergen en we zien nu veel rode wouwen, maar ook ooievaars, blauwe eksters, zwarte ibissen en grote groepen koereigers.

Langzaam maar zeker naderen we de grens met Portugal. We zijn nog lang niet uitgekeken en uitgefietst in Spanje, een land wat ons op een positieve manier heeft verrast. De indrukwekkende bergen, de mooie kusten, de vele mooie dorpen en steden, het aangename weer en nog veel meer. We komen vanzelf weer terug maar eerst nemen we de tijd om Portugal te verkennen.